Praktijkonderzoek als motor voor professionele groei
De beroepspraktijk vraagt meer dan ooit om professionals met een onderzoekende houding. Professionals die samen met belanghebbenden vraagstukken vanuit verschillende perspectieven bekijken, wetenschappelijk onderbouwde kennis vertalen naar de praktijk, zelf onderzoek doen en onderzoeksvaardigheden integreren in hun beroepsuitoefening. Mensen die hun vakkennis verbinden aan wat de theorie zegt en aan wat de doelgroep ervaart.
Cyrilla van der Donk en Bas van Lanen bieden professionals (in opleiding) met Praktijkonderzoek in de school en Praktijkonderzoek in zorg en welzijn een praktijkgerichte leerstrategie die direct aansluit op het dagelijks handelen. Hun methode geeft studenten en professionals het gereedschap om binnen hun dagelijks werk de eigen praktijk systematisch te onderzoeken en waar nodig te verbeteren. Van beide titels verschijnt in mei een nieuwe editie.
Van pioniers naar auteurs van het standaardwerk
Het begon in 2008, toen Cyrilla en Bas allebei betrokken waren bij het professionaliseren van leraren op het gebied van onderzoek. "We liepen er tegenaan dat de bestaande literatuur niet goed aansloot", vertelt Cyrilla. "We wilden liever een praktische insteek, gericht op leren." Bas vult aan: "Onderwijsonderzoek werd bovendien vooral uitgevoerd door outsiders die de praktijk van anderen onderzochten. Bij praktijkonderzoek is de onderzoeker echter een insider die zijn eigen praktijk onderzoekt, en dat vereist een andere aanpak. Door professionals de regie te geven, wordt er meer recht gedaan aan de kennis die in het werkveld aanwezig is. We wilden laten zien hoeveel kennis er in de praktijk voorhanden is."
Die aanpak sloeg aan. In 2009 verscheen de eerste editie voor het onderwijs, gevolgd in 2011 door een versie voor zorg en welzijn. Inmiddels zijn er Duitse, Amerikaanse en Braziliaanse edities, steeds in samenwerking met experts uit het land zelf. Die samenwerkingen leverden verrassende inzichten op. In Brazilië ontdekten de auteurs hoe sterk de gemeenschap centraal kan staan in een onderzoeksproces. In Baltimore zagen ze hoe studenten uit achtergestelde buurten via onderzoek werkten aan het verbeteren van hun eigen leefomgeving. "Een mooi voorbeeld van hoe onderzoek kan bijdragen aan het versterken van de eigen positie in de maatschappij", zegt Bas. Ook bevestigden die contacten dat Nederland vooroploopt met het praktijkonderzoek. "In veel landen is er nog een grote kloof tussen wetenschap en praktijk", zegt Cyrilla. "Hier laten we zien hoe professionals een brug kunnen slaan tussen de verschillende kennisbronnen in de theorie en de praktijk."
Praktijkonderzoek geeft professionals een stem. Er wordt veel over hen besloten, maar dit geeft ze de mogelijkheid om hun eigen praktijk te onderzoeken en daar zelf verandering in aan te brengen.
Cyrilla van der Donk
“Op de covers van onze boeken staan foto’s van leerlingen, studenten en cliënten,” zegt Cyrilla. “Praktijkonderzoek moet tenslotte de mensen dienen om wie het gaat. Dat is voor wie we het doen.”
Een veelzijdige methode
De methode die Bas en Cyrilla ontwikkelden verbindt de onderzoekscyclus met de innovatiecyclus. Deze is inmiddels een standaard geworden voor studenten en professionals die hun eigen beroepspraktijk onderzoeken. De zeven kernactiviteiten kunnen geïntegreerd worden ingezet, maar ook afzonderlijk. Daardoor is de methode bruikbaar voor zowel het uitvoeren van praktijkonderzoek als voor het toepassen van het onderzoekend vermogen in het dagelijks handelen.
De nieuwe edities maken een explicieter onderscheid tussen kennisgericht en ontwerpgericht praktijkonderzoek, met meer ruimte voor kortcyclisch werken. Het scala aan methoden voor dataverzameling en -analyse is verder uitgebreid. Bijzondere aandacht gaat uit naar werkvormen die dicht bij de praktijk staan en de creativiteit aanspreken. Denk aan exposities, rollenspelen, korte reflectiemomenten tijdens het werk, bezoeken van praktijklocaties of conferenties bijwonen. Ook is er uitgebreid aandacht voor hoe je op basis van verworven inzichten, samenwerking en eigen creativiteit tot een ontwerp kunt komen en hoe je dat vervolgens test en evalueert. "Daarnaast hebben we canvassen en sjablonen toegevoegd die je in kunt vullen en die praktijkonderzoekers ondersteunen in alle onderzoeksfasen", zegt Bas.
Ook AI krijgt een plek. "We zien AI als een waardevolle sparringpartner bij het doen van praktijkonderzoek", aldus Bas. "Maar onze boodschap is vooral dat je zelf blijft nadenken en zorgt dat je de regie houdt. Onze methode is in die zin ook een antwoord op hoe professionals met AI kunnen omgaan. Praktijkonderzoek dwingt je om meerdere perspectieven in te nemen en zo leer je kritisch te kijken naar wat algoritmes genereren en dit te verbinden aan inzichten uit theorie en praktijk. Het vakmanschap zit in dat vermogen om verschillende kennisbronnen samen te brengen."
Leren door te doen
Dat praktijkonderzoek af en toe behoorlijk uitdagend kan zijn, ontkennen de auteurs niet. "Het vraagt om doorzettingsvermogen en het leren omgaan met onzekerheden", zegt Bas. "Maar wat we keer op keer zien, is dat studenten zich steeds meer expert gaan voelen op de thema's die ze onderzoeken. Dat geeft zelfvertrouwen en motivatie." Cyrilla herkent dat: "Het mooiste is als studenten aan het einde trots zijn op wat ze hebben geleerd of ontwikkeld. Dat ze merken dat ze het verschil kunnen maken in de praktijk. Dit zijn ervaringen die ze vormen als professional."
"In onze samenwerking staat de doelgroep altijd centraal", zegt Cyrilla. "Wat heeft die nodig? We werken graag met voorbeelden, omdat die de praktijkonderzoeker helpen de vertaling te maken naar de eigen praktijk. Bij de herzieningen maken we nadrukkelijk gebruik van evaluaties en ons werk met studenten en professionals. En we blijven altijd kritisch op onszelf en elkaar. Daardoor worden de edities steeds beter."
Nieuwsgierigheid als startpunt
Als ze studenten één ding mee mogen geven, dan is het dat hoe dichter de vragen bij henzelf liggen en aansluiten bij het beroepsprofiel waarvoor ze worden opgeleid, hoe meer ze uit hun praktijkonderzoek zullen halen. Cyrilla: "Waar ben je echt nieuwsgierig naar en wil je meer over weten?" Bas sluit aan: "Welke vraag of uitdaging houdt jou bezig? Waarin wil jij je ontwikkelen? Dat is het startpunt."
Bas benadrukt tot slot dat het startpunt van praktijkonderzoek van alles kan zijn. "Een praktijkprobleem kan een handelingsverlegenheid zijn die je ervaart, een ontwikkeling waar je op in wilt spelen, een dilemma waar je mee worstelt, of gewoon de wens om je ergens in te verdiepen. We zien dat heel breed en dat is precies de kracht van de methode."
Wat mij de meeste voldoening geeft, is dat studenten en professionals echt ervaren dat ze door praktijkonderzoek groeien in hun vak en dat onze methode daarmee bijdraagt aan beter onderwijs en betere zorg en sociale ondersteuning
Bas van Lanen
Over de uitgaven
Praktijkonderzoek is een vorm van leren die verankerd is in het dagelijks handelen op de werkplek. De methode biedt concrete handvatten om de praktijk op een actieve, creatieve en systematische wijze in interactie met anderen te verkennen, te leren begrijpen en waar nodig te verbeteren. Praktijkonderzoek leidt tot professionele ontwikkeling en versterking van de kwaliteit van het onderwijs.

_w173_h400.png)