Wat doe je als...? Vijf lastige situaties uit de hbo-praktijk
Wat doe je als een student te laat binnenkomt? Hoe ga je om met een klas die zwijgend voor zich uit kijkt? Het zijn situaties die iedere hbo-docent herkent. Alard Joosten en Bart Lammers komen ze dagelijks tegen in hun werk als docent, docentopleider en begeleider van hbo-docenten. Vijf herkenbare dilemma's – en vooral: praktische manieren om ermee om te gaan.
1. De student die te laat binnenkomt
Je bent net begonnen met je uitleg. De deur gaat open. Een student komt binnen, oortjes nog in, en schuift rustig aan.
'Ik maak er tijdens de les meestal geen groot punt van. Als het vaker gebeurt, ga ik na afloop het gesprek aan.' - Bart
'Aan het begin van een blok maak ik duidelijke afspraken. Tot tien minuten na aanvang kun je nog rustig binnenkomen en een plek zoeken. Daarna wachten studenten tot de pauze. Zo weet iedereen waar hij aan toe is.' - Alard
Meer dan een kwestie van op tijd komen
Te laat komen is niet alleen een kwestie van beleefdheid, maar ook van klassenmanagement. Een student die binnenkomt terwijl jij net een uitleg geeft, verstoort niet alleen zijn eigen leerproces, maar ook dat van anderen. Daarom helpt het om aan het begin van een cursus afspraken te maken over wat je verwacht. Leg daarbij ook uit waarom je die afspraken maakt: niet om streng te zijn, maar om ervoor te zorgen dat iedereen zo goed mogelijk kan leren.
Daarna komt het aan op de uitvoering. Spreek studenten aan wanneer afspraken niet worden nagekomen en grijp in als het leerproces wordt verstoord. Tegelijk is het belangrijk om niet te snel te oordelen. Studenten kunnen heel verschillende redenen hebben om te laat te komen. Wees daarom nieuwsgierig naar wat er speelt en stel je oordeel zo lang mogelijk uit. Alleen afspraken die je consequent handhaaft én waarbij je oog houdt voor de situatie van de student, geven de duidelijkheid en structuur waar een groep behoefte aan heeft.
2. De klas kijkt je zwijgend aan
Je stelt een vraag. Een goede vraag, vind je zelf. Vervolgens gebeurt er niets.
'Mijn eerste reflex was altijd om de stilte op te vullen. Tegenwoordig wacht ik langer.' - Bart
'Ik laat studenten vaak eerst kort overleggen. Dan wordt antwoorden minder spannend.' - Alard
Stilte is niet hetzelfde als desinteresse
Voelt stilte voor jou ook ongemakkelijk? Al snel ontstaat de gedachte dat studenten niet opletten, niet voorbereid zijn of het antwoord niet weten. Maar stilte kan allerlei oorzaken hebben. Misschien zijn studenten nog aan het nadenken. Misschien vinden ze de vraag lastig. Of misschien durven ze geen antwoord te geven omdat ze bang zijn iets verkeerds te zeggen. Zeker in nieuwe groepen speelt sociale veiligheid een grote rol.
De oplossing is daarom niet om de stilte meteen zelf op te vullen. Geef studenten eerst bewust denktijd. Blijft het stil? Formuleer je vraag dan eens anders of laat studenten eerst kort met een buur overleggen voordat je antwoorden ophaalt. Zo verlaag je de drempel om te reageren. Waardeer vervolgens iedere bijdrage, ook als een antwoord niet helemaal klopt. Blijft een groep structureel stil, benoem dan wat je ziet en ga met studenten in gesprek over hoe jullie samen meer interactie kunnen creëren.
3. De student die steeds storend gedrag vertoont
Twee studenten voeren tijdens jouw uitleg een eigen gesprek. Iemand zit voortdurend op zijn telefoon. Achter in de klas wordt gelachen om iets wat niets met de les te maken heeft. Je merkt dat je uit je verhaal raakt en dat andere studenten beginnen af te haken.
'Ik loop vaak even naar de student toe en vraag wat er aan de hand is. Vaak merk je dan vanzelf waarom iemand afgeleid is.' – Bart
'Ik benoem rustig wat ik zie en verwijs naar de afspraken die we daarover hebben gemaakt. Zo blijft de aandacht bij de les.' – Alard
Achter storend gedrag schuilt vaak meer
Storend gedrag voelt al snel als desinteresse of gebrek aan respect. Toch hoeft dat niet de oorzaak te zijn. Misschien is de opdracht onduidelijk, ligt het tempo niet goed of is de student de draad kwijt. Benoem daarom eerst rustig wat je ziet en vraag wat er aan de hand is. Dat helpt je om te bepalen waar het gedrag vandaan komt en hoe je het beste kunt reageren.
Blijft het gedrag het leerproces verstoren, grijp dan in. Benoem rustig wat je ziet, verwijs naar de afspraken die je met de groep hebt gemaakt en leg uit waarom die belangrijk zijn. Levert dat geen verandering op, ga dan na afloop individueel met de student in gesprek.
4. 'Maar bij een andere docent mag dit wel'.
Waarschijnlijk heb jij deze opmerking ook weleens gehoord. Studenten krijgen dagelijks te maken met verschillende docenten, werkvormen en verwachtingen. Dat ze die met elkaar vergelijken, is heel normaal.
'Ik ga niet uitleggen waarom een collega iets anders doet. Ik vertel welke afspraken in mijn lessen gelden.' – Bart
'Ik leg uit waarom ik voor deze aanpak kies. Dan begrijpen studenten meestal beter wat ik van hen verwacht.' – Alard
Studenten vergelijken voortdurend
Studenten krijgen dagelijks te maken met verschillende docenten, werkvormen en verwachtingen. Dat ze die met elkaar vergelijken, is heel normaal.
Laat je daardoor niet verleiden tot een discussie over collega's. Verwijs naar de afspraken die in jouw lessen gelden en leg uit waarom je die hebt gemaakt. Niet omdat het 'jouw regels' zijn, maar omdat ze bijdragen aan een prettig en effectief leerklimaat. Door je afspraken consequent toe te passen, weten studenten waar ze aan toe zijn en blijft de aandacht bij het leren.
5. De student die niet komt opdagen
Je hebt een interactief werkcollege voorbereid. Bij de start kijk je de ruimte rond en zie je dat een flink deel van de studenten ontbreekt. Dat is frustrerend, zeker als je veel tijd in de voorbereiding hebt gestoken.
'Ik besteed mijn energie aan de studenten die er wél zijn. Zij verdienen een goed college.' – Bart
'Ik vraag me eerst af waardoor studenten wegblijven. Dat hoeft niet meteen iets over mijn les te zeggen.' – Alard
Een lege klas hoeft geen afwijzing te zijn
Een lage opkomst kan voelen als een afwijzing van jouw college. Toch kunnen er allerlei oorzaken zijn: een onhandig rooster, ziekte, een drukke periode of werk naast de studie. Trek daarom niet te snel conclusies over jezelf of je onderwijs.
Wat je wél kunt doen, is ervoor zorgen dat studenten ervaren waarom het de moeite waard is om te komen. Maak van je college meer dan een PowerPointpresentatie: laat studenten samenwerken, oefenen, discussiëren en feedback krijgen. Heb daarnaast oog voor afwezigheid. Vraag wat er aan de hand is als studenten vaker wegblijven en laat merken dat hun aanwezigheid ertoe doet. Geef ondertussen gewoon het best mogelijke college aan de studenten die er wél zijn.
Herkenbaar?
Dit zijn slechts vijf van de vele situaties die je als hbo-docent kunt tegenkomen. In Aan de slag in het hbo laten Alard Joosten en Bart Lammers zien hoe je deze én andere veelvoorkomende dilemma's praktisch aanpakt, met direct toepasbare adviezen uit de dagelijkse onderwijspraktijk.
